NFP Vlaanderen

Wat is Sensiplan?

 

Één keer in de cyclus vindt een eisprong plaats. De eicel kan niet eens een volledige dag bevrucht worden. De zaadcellen kunnen rond de eisprong wel enkele dagen in het vrouwelijk lichaam overleven.

Rond de eisprong veranderen de temperatuur, slijm en baarmoederhals heel duidelijk. Dit noteer je op een "cycluskaart" en interpreteer je volgens eenvoudige regels.

Temperatuur

Als je je temperatuur in de loop van een cyclus volgt, zie je twee temperatuurniveaus. Vóór de eisprong is de temperatuur iets lager. Rond de eisprong stijgt ze duidelijk. Zo stel je het begin van de onvruchtbare fase na de eisprong met zekerheid vast.

Cervixslijm

Enkele dagen na je bloeding neem je als je naar het toilet gaat, waarschijnlijk slijm waar. Eerst is dit dik‑taai, deels kleverig‑romig en vaak witachtig van kleur. Hoe dichter de eisprong nadert, hoe meer en hoe vloeibaarder het slijm wordt, bijna net als eiwit. Daardoor kunnen de zaadcellen enkele dagen in de baarmoeder overleven. Na de eisprong wordt het cervixslijm weer dik en sluit als een prop de baarmoeder af.

Baarmoederhals

Ook de baarmoedermond of cervix verandert in de loop van je cyclus. Aan de ligging, stevigheid en opening ervan kun je weten waar je je in de cyclus bevindt. Je hoeft dat onderzoek niet te doen, maar het is wel handig in bijvoorbeeld de overgangsjaren of na de geboorte van een kind.

Dankzij de combinatie van de waarneming van symptomen (cervixslijm, baarmoedermond) en temperatuur en duidelijke en gemakkelijk te leren regels kun je de vruchtbare fase met zekerheid afgrenzen.